Skip to main content

Ik wil huren

Huurder of bijwoner? Een belangrijk verschil! Tot welke categorie jij behoort, heeft belangrijke gevolgen, ook op gebied van woonzekerheid. Deze personen worden als ‘huurder’ beschouwd:

Bij de aanvang van de huurovereenkomst

  • de initiële huurder(s): de persoon en zijn eventuele partner die van bij de start van de huurovereenkomst als huurder vermeldt staat in de huurovereenkomst

Na de aanvang van de huurovereenkomst

  • de persoon dit huwt met de initiële huurder
  • de persoon die wettelijk samenwoont met de initiële huurder
  • de partner die langer dan 1 jaar feitelijk samenwoont met de initiële huurder

Alle andere personen (bv. kinderen, broers of zussen, ouders) worden als ‘bijwoner’ geregistreerd.

Huurder Bijwoner
Heeft persoonlijk woonrecht Heeft geen persoonlijk woonrecht
Moet voldoen aan inschrijvings- en toelatingsvoorwaarden Moet niet voldoen aan inschrijvings- en toelatingsvoorwaarden
Inkomsten tellen mee voor de inkomensvoorwaarde Inkomsten tellen niet mee voor de inkomensvoorwaarde
Inkomsten tellen mee voor de huurprijsberekening Inkomsten tellen mee voor de huurprijsberekening, behalve die van:

  • Minderjarige bijwoners
  • Meerderjarige kinderen die nog ten laste zijn
  • Personen die niet duurzaam bijwonen
Inkomsten tellen mee bij controle voorwaarden verlenging huurovereenkomst (enkel bij contracten van 9 jaar) Inkomsten tellen niet mee bij controle voorwaarden verlenging huurovereenkomst (enkel bij contracten van 9 jaar)
Telt mee voor het aantal bewoners (bv. bij onderbezetting) Telt mee voor het aantal bewoners (bv. bij onderbezetting), behalve de personen die de sociale woning niet duurzaam bewonen
Telt mee voor de rationele bezetting Telt mee voor de rationele bezetting, behalve personen die de sociale woning niet duurzaam bewonen

Je wilt iemand bij jou laten inwonen. Dit moet je vooraf melden. Woonpunt kijkt na of je woning groot genoeg is volgens de normen van de Vlaamse Codex Wonen. Blijkt je woning niet groot genoeg, dan kan de nieuwe inwoner geweigerd worden.

Een nieuwe inwoner wordt als ‘huurder’ beschouwd als:

  • de persoon huwt met de initiële huurder
  • de persoon wettelijk samen woont met de initiële huurder
  • de partner feitelijk samenwoont met de initiële huurder (*)
  • opgelet: voldoen jij en je partner samen niet aan de 5 voorwaarden dan mag je partner niet intrekken!

Alle andere personen (bv. een kind, een ouder, een vriend) worden als ‘bijwoner’ geregistreerd. Er worden geen voorwaarden gecontroleerd.

Of je als ‘huurder’ of ‘bijwoner’ geregistreerd staat, heeft belangrijke gevolgen (bv. op gebied van woonzekerheid). Meer informatie hierover vind je op deze webpagina.

(*) De partner met wie je feitelijk samenwoont, wordt pas 1 jaar na inwoonst als ‘huurder’ geregistreerd. Het eerste jaar is de feitelijke partner een ‘bijwoner’. De ondertekening van het document Verklaring op eer feitelijk partnerschap bij de start van inwoonst is dus van belang.

Wanneer woon je overbezet?
Wordt je woning te klein ten gevolge van gezinsuitbreiding (geboorte, adoptie, pleegzorg) dan kan je een grotere woning aanvragen en krijg je voorrang op de wachtlijst. Woon je overbezet volgens de normen van de Vlaamse Codex Wonen dan moet je verplicht inschrijven en verhuizen.

Iemand van je gezin vertrekt of overlijdt. Dit moet je melden aan Woonpunt Waas. Je dossier wordt aangepast en mogelijks wordt ook je huurprijs aangepast.

Wordt je woning te groot, dan kan je je inschrijven op de wachtlijst voor een kleinere woning en krijg je een voorrang.

Wanneer woon je onderbezet?

Meer uitleg hierover vind je op deze website bij ‘wanneer woon ik onderbezet’.

 

Wat is onderbezet wonen?

De grootte van je gezin bepaalt de grootte van je woning. Je mag één slaapkamer meer hebben dan het aantal bewoners. Let op, een koppel wordt als 1 persoon gerekend. Heb je twee of meer slaapkamers te veel? Dan woon je ‘onderbezet’. De woonmaatschappij kan je vragen te verhuizen naar een kleinere woning. Weiger je een valabel aanbod (*) dan kan de woonmaatschappij je een maandelijkse onderbezettingsvergoeding aanrekenen.

De onderbezettingsvergoeding wordt afgestemd op het inkomen van de huurder. De onderbezettingsvergoeding is een percentage van de reële huurprijs (15%) met als minimum van 37 euro (in 2024), per overtallige slaapkamer.

Voorbeelden:

  • Je woont alleen en hebt drie slaapkamers. Dan heb je twee slaapkamers extra. Dit is er één te veel.
  • Je bent een koppel en hebt vier slaapkamers. Dan heb je drie slaapkamers extra. Dit is er twee te veel.
  • Je bent een koppel met één kind en hebt drie slaapkamers. Dan heb je maar één slaapkamer te veel. Dit mag.

(*) Valabel aanbod: een passende woning binnen een straal van 15 km van de onderbezette woning of binnen dezelfde gemeente.

Neen, als jij vertrekt of overlijdt, mag je inwonend kind of inwonende ouder niet in de woning blijven. Een inwonend kind /ouder is geen ‘huurder’ maar een ‘bijwoner’.

Het is belangrijk dat je dit weet, zo kom je niet voor verrassingen te staan op een moeilijk moment in je leven.

Heb je hierover vragen, contacteer Woonpunt Waas. Een medewerker geeft je graag meer uitleg.

Je wilt een vriend of je kind uit de nood helpen door ze tijdelijk onderdak te geven. Dat kan op voorwaarde dat je woning groot genoeg is. Een tijdelijke inwoner moet niet voldoen aan de toelatingsvoorwaarden. Zijn/haar inkomen wordt niet meegeteld in de huurberekening.

Meld een tijdelijke inwoonst altijd aan Woonpunt Waas. Jij en de tijdelijke inwoner moeten een document ondertekenen. Opgelet, tijdelijk inwonen kan maximaal 4 maanden.

Jij en je partner gaan uit elkaar. Jullie hebben elk evenveel rechten op de woning en jullie beslissen onderling wie in de sociale woning blijft wonen. Komen jullie niet tot een akkoord, dan moeten jullie naar de rechtbank stappen die hierover een uitspraak zal doen.

Deze regel geldt voor alle:

  • gehuwde partners
  • wettelijk samenwonende partners
  • feitelijk samenwonende partners die langer dan één jaar de sociale woning betrekken

Een feitelijke partner die de sociale woning nog geen vol jaar betrekt, valt niet onder deze regel. Deze persoon heeft geen woonrecht.

Heb je gezondheidsproblemen? Is een aanpassing van je woning wenselijk? Bespreek dit met onze medewerkers. Elke vraag wordt individueel bekeken. We zoeken naar de best mogelijke oplossing, rekening houdend met jouw gezondheid en de mogelijkheden in de woning.

De regels rond eigendom zijn streng. Je mag geen woning of bouwgrond bezitten.

Zelfs als je maar een paar procent volle eigendom of vruchtgebruik bezit, mag dit niet. Je mag ook geen woning of bouwgrond in erfpacht of opstal hebben of gegeven hebben. Ook als je een woning of bouwgrond in vruchtgebruik gaf, kom je niet langer in aanmerking. Deze regels gelden in het binnen- en buitenland.

Kreeg je een woning of bouwgrond, bijvoorbeeld door een erfenis, of heb je een eigendom met je ex-partner, dan zijn er uitzonderingen mogelijk. Heb je hierover vragen, contacteer dan de huisvestingsmaatschappij.

Je mag ook geen bouwgrond of woning inbrengen in een vennootschap waarvan je zaakvoerder, bestuurder of aandeelhouder bent.

Als jij of een gezinslid met pensioen gaat, wordt de huurprijs aangepast vanaf de maand die volgt op je pensionering.

Neem contact op met Woonpunt Waas. Een medewerker vertelt je wat je moet doen.

Als je plots een veel lager inkomen hebt, kan je een aanpassing van de huurprijs vragen.

Het gezinsinkomen van de laatste drie maanden moet dan minstens 20% lager zijn dan het inkomen dat we gebruikten voor de huurprijsberekening. Je huurprijs wordt aangepast nadat de administratie in orde is. Soms beschikt Woonpunt Waas over jouw gegevens, in andere situaties moet jij de documenten aan Woonpunt Waas bezorgen.

Neem bij verandering altijd contact op met Woonpunt Waas. Een medewerker vertelt je wat je moet doen.